Borstvoeding afkolven en werken

Alles wat je moet weten over succesvol borstvoeding kolven

 

Ontdek met deze 10 tips hoe je van het kolven van borstvoeding een succes maakt!

 

Geef je baby de beste start

 

Met deze tips wordt het kolven van borstvoeding gegarandeerd een succes!

 

 

Borstvoeding: je weet het zeker!

Je bent overtuigd van de vele voordelen die het geven van borstvoeding biedt aan kind en moeder! Natuurlijk geef je je baby de beste voeding die mogelijk is. Maar hoe ga je dat doen als je weer aan het werk gaat of om een andere reden eens niet bij je baby kunt zijn? Als je volledige borstvoeding wilt blijven geven, ontkom je er niet aan om melk te gaan afkolven.

 

Veel vrouwen zien op tegen het afkolven van moedermelk. Hoewel borstvoeding de afgelopen jaren sterk is gepromoot door de overheid en met name onder hoog opgeleide vrouwen helemaal in is, voelt het onderwerp kolven voor veel vrouwen toch wat ongemakkelijk.

 

 Misschien weet je nog weinig van afkolven af, of moet je er niet aan denken om met een borstkolf in de weer te zijn? Je krijgt tips waarmee je het kolven gegarandeerd tot een succes maakt.

 

Na het lezen van deze 10 tips weet je hoe je:

 

een succesvolle start maakt met kolven

sneller borstvoeding kolft

meer borstvoeding kolft

meer geniet van het kolven

de juiste borstkolf kunt kiezen

daarnaast ben je op de hoogte van de wettelijke regels rondom het combineren van borstvoeding en werk. 

en weet je hoe je je werkgever kunt meekrijgen.

 

Succes met het kolven van borstvoeding! Ook jij kunt het leren!

 

10 Tips waarmee borstvoeding kolven

gegarandeerd een succes wordt!

 

1.  Borstvoeding is de allerbeste voeding voor je kind!

2. Bereid je goed voor op het kolven!

3. Licht je werkgever op tijd in!

4. Kies de juiste borstkolf!

5. Begin op tijd met oefenen!

6. Bouw een voorraadje op!

7. Ontspan!

8. Visualiseer!

9. Neem voldoende rust!

10. Heb vertrouwen!

 

1. Weet dat borstvoeding de allerbeste voeding voor je

    kind is!

 

Borstvoeding is de beste start voor je baby. Dit weet inmiddels vrijwel iedere moeder. De overheid heeft de afgelopen jaren het geven van borstvoeding niet voor niets sterk gepromoot. De Wereld Gezondsheidsorganisatie (WHO) promoot zelfs minimaal 2 jaar borstvoeding.

Nog even de belangrijkste voordelen van borstvoeding op een rijtje.

Het geven van minimaal 6 maanden volledige borstvoeding verminderd voor je baby de kans op:

 

allergische aandoeningen

eczeem

astma

 

Uit onderzoek blijkt verder dat baby's die borstvoeding krijgen:

 minder vaak huilen (je kunt ze altijd troosten)

 bijna 10x minder vaak oorontstekingen hebben

 5x minder kans hebben om in het ziekenhuis terecht te komen

 3x minder kans op diarree hebben

 later veel minder kans hebben op overgewicht

 

Ook voor de moeder zijn er veel voordelen aan borstvoeding geven:

je lichaam herstelt zich veel sneller na de bevalling

je hebt eerder je oude gewicht terug

je hebt minder kans op ijzertekort

je hebt later minder kans op borstkanker en baarmoederhalskanker

 

Eén druppel moedermelk blijkt de rond 4000 levende cellen te bevatten die de groei van bacteriën, schimmels en parasieten remmen. Het is dus geen wonder dat borstvoedingsbaby's veel minder ziek zijn. Als je als deze redenen op een rij ziet, maakt het de keuze voor borstvoeding wel heel makkelijk. Dit zal je zeker stimuleren om ook wanneerje weer aan het werk gaat door te gaan met het geven van borstvoeding en dus te kolven op je werk.

elektrische borstkolf
elektrische borstkolf

 

2. Bereid je goed voor op het kolven!

Bereid je niet alleen goed voor op het geven van borstvoeding, maar vooral ook op de volgende stap. Door je vooraf te verdiepen in alles wat er komt kijken bij het afkolven van borstvoeding is de kans dat je dit succesvol kunt doen veel groter. Ook het kolven van borstvoeding is iets wat je moet leren. Het is mooi wanneer je al een keer kunt oefenen als de kraamverzorgster nog aanwezig is. Zij kan je aanwijzingen geven hoe je het beste kunt kolven. Je kunt dit wellicht een keer doen om de stuwing te verlichten. Waarschijnlijk voel je dan een duidelijk toeschietreflex. Weet je eenmaal hoe dit voelt dan gaat het de volgende keer makkelijker.

Wanneer je baby aan je borst drinkt, zorgt het hormoon oxytocine ervoor dat de melk toeschiet. De melk stroomt dan vanuit de melkreservoirs in de borst door de melkgangen naar de tepels, waar je baby het vervolgens door aan je tepel te zuigen drinkt. Een borstkolf probeert het zuigen van je baby zo veel mogelijk na te bootsen. Door de ritmische zuigwerking van de kolf wordt de tepel en tepelhof gestimuleerd, hierdoor komt de

oxytocine vrij. Je kunt het oproepen van het toeschietreflex vergemakkelijken door aan je baby te denken. Het toeschietreflex is essentieel om succesvol borsvoeding te kolven. In tip 7 en 8 vind je manieren die je kunnen helpen om een toeschietreflex op te roepen, mocht dit niet vanzelf gaan.

De eerste keren wanneer je kolft, zul je misschien maar een klein beetje kolven, soms zelfs maar een paar druppels. Dit is heel normaal. Blijf gewoon oefenen, want ook het kolven moet je leren.

 

Hoe gaat het kolven van borstvoeding in z'n werk?

Het kolven van moedermelk kun je met de hand doen of met een speciale borstkolf. Dit laatste werkt verreweg het beste. Je plaats de borstkolf stevig tegen de borst aan zodanig dat de tepel in het midden van de kolf zit. Door de ritmische bewegingen die de borstkolf maakt, hetzij elektrisch hetzij door bewegingen van de hand, wordt de tepel en tepelhof gestimuleerd op een manier die zoveel mogelijk lijkt op het zuigen van je baby. Vaak duurt het even voordat het toeschietreflex op gang komt. Wanneer het toeschietreflex de melk eenmaal laat toeschieten kun je in een rustiger tempo verder kolven. Kolf door tot er nauwelijks meer melk uit je borst(en) komt. Wanneer je niet dubbelzijdig kolft kun je daarna doorgaan met de andere borst. Waarschijnlijk zul je dan nog een keer een toeschietreflex moeten opwekken om ook uit deze borst voldoende melk te kunnen kolven.

Wanneer het toeschietreflex niet op gang komt, lukt het vaak wel om wat melk af te kolven.

Dit gaat echter veel langzamer en de opbrengst is veel minder. Het is dus belangrijk om te zorgen voor een toeschietreflex. In tip 7 en 8 vind je manieren die je hierbij kunnen helpen.

 

3. Licht je werkgever op tijd in!

Wanneer je je werkgever op tijd inlicht over het feit dat je van plan bent om borstvoeding en werk te combineren is hij verplicht om te zorgen voor een geschikte kolfruimte. Verder kan hij dan alvast in de werkplanning rekening houden met de benodigde kolftijd. Zo kun je met een gerust gevoel na je bevallingsverlof weer aan het werk.

De Nederlandse overheid promoot het geven van borstvoeding. Werkende vrouwen kunnen dankzij deze wettelijke regels hun baby volledige borstvoeding blijven geven tot 9 maanden na de geboorte.

 

Dit zijn de wettelijke regels:

In de wet is bepaald dat je maximaal een kwart van je werktijd mag besteden aan het geven van borstvoeding aan je baby of het afkolven van moedermelk. De werkgever is verplicht deze tijd door te betalen tot 9 maanden na de geboorte van je kind. Voorwaarde is wel dat je je werkgever vooraf hebt gemeld dat je borstvoeding en werk wilt combineren (zie Arbobesluit art.1.1).

Na deze 9 maanden kun je natuurlijk gewoon doorgaan met borstvoeding geven, maar is je werkgever niet meer verplicht om dit tijdens werktijd toe te staan en deze tijd door te betalen.

Je werkgever is verplicht een geschikte ruimte om te kolven of te voeden beschikbaar te stellen. Een geschikte ruimte is in ieder geval afsluitbaar en verwarmd. Is dat niet mogelijk, dan mag je zelf een plek regelen (bijvoorbeeld thuis indien je in de buurt woont) of naar je baby toe gaan. Je kunt ook andere afspraken maken, zoals tijdelijk je werktijd verkorten of gedeeltelijk thuis werken. Kom je er niet uit met je werkgever, dan kun je terecht bij de ondernemingsraad, personeelsvertegenwoordiging of vakbond (zie art.4.8 van de

Arbeidstijdenwet).

 

4. Kies de juiste borstkolf!

Kies de borstkolf die past bij jouw persoonlijke situatie. Kijk voor een volledig overzicht van alle verkrijgbare kolfapparaten en de ervaringen van andere vrouwen in het gratis overzicht dat je hebt gedownload. Hieronder vind je uitsluitend de tabel met de borstkolven die door kolvende moeders het meest worden gewaardeerd. Wil je meer informatie over één van deze borstkolven dan verwijs ik je naar het aparte borstkolven-overzicht.

 

Favoriete borstkolven!

 

Handkolf

Lansinoh

Adviesprijs € 37,50

Voordelige keuze

 

Avent Isis

Adviesprijs € 55,00

Persoonlijke keuze

Elektrische kolf enkelzijdig

 

 

Avent Isis IQ Uno Beste keuze

Elektrische kolf dubbelzijdg

 

 

Ameda Lactaline Personal

Adviesprijs € 146,00

Voordelige keuze

 

Medela Pump in Style

Adviesprijs € 295,00

 

Beste keuze ?

Of je kiest voor een handkolf of een elektrisch kolfapparaat hangt af van jezelf en je situatie. Bij de ene persoon komt de borstvoeding goed op gang en gaat het kolven makkelijk, bij de ander juist helemaal niet. Ook psychische factoren spelen een rol bij het afkolven. Wanneer je je goed kunt ontspannen en kunt openstellen dan zal het kolven een stuk makkelijker gaan.

Daarnaast speelt bij de keuze voor een kolfapparaat natuurlijk ook de frequentie van het kolven mee. Verwacht je slechts een enkele keer moedermelk af te kolven of doe je dit meerdere malen per dag?

 

5. Begin op tijd met oefenen!

 

Wanneer je straks weer aan het werk gaat, is het belangrijk dat je je geen zorgen hoeft te maken over hoe het kolven zal verlopen. Zorg daarom dat je al op tijd bent begonnen met het oefenen van borstvoeding kolven. Op je werk zul je dan sneller kunnen kolven en dat geeft een rustig gevoel.

Het is niet alleen van belang dat jij oefent met het kolven, je baby moet ook leren om uit de fles te drinken. Wanneer je tot nu toe uitsluitend live borstvoeding hebt gegeven, is dat voorje baby nog een hele klus om onder de knie te krijgen. Sommige baby's moeten echt flink oefenen voordat ze dit kunstje kunnen. Het drinken uit een fles vergt namelijk een heel andere techniek dan het drinken uit de borst.

Deskundigen adviseren om te beginnen met het oefenen van het drinken uit een fles na een week of 5 à 6. De borstvoeding is dan goed op gang gekomen en je baby weet precies hoe die uit de borst moet drinken. De kans op zogenaamde tepel-speenverwarring waarbij pasgeboren baby's niet meer weten hoe ze melk uit de borst kunnen krijgen is dan nauwelijks meer aanwezig. Met 5 à 6 weken heeft je baby nog wel een stevig zuigreflex waardoor het vrijwel automatisch aan de fles zal gaan zuigen en daarmee vanzelf leert drinken uit de fles. Wanneer een baby ouder is, neemt dit automatische zuigreflex af en weet het niet hoe het moet drinken uit de fles. Erg lastig als je zelf weer aan het werk bent en je baby kan niet uit de fles drinken.

 

6.Bouw een voorraad moedermelk op!

 

Wanneer je het belangrijk vindt dat je kindje de eerste 6 maanden uitsluitend borstvoeding krijgt, is het zeer belangrijk dat je op tijd begint met het opbouwen van een voorraad moedermelk. De kans is groot dat het je niet altijd lukt om voldoende af te kolven voor je baby.

De handigste manier om snel een voorraad afgekolfde moedermelk op te bouwen, is gebruik te maken van de stuwing die iedere vrouw een dag of 3 tot 5 na de bevalling ervaart. Je slaat dan twee vliegen in één klap.

 

Je kunt direct een mooie voorraad moedermelk invriezen voor als je straks weer aan  het werk moet of eens een avondje weg wilt. Deze melk is ook nog eens heel gezond omdat er extra veel afweerstoffen inzitten. Dat kan je baby best gebruiken mocht het straks naar het kinderdagverblijf gaan.

 

Je bent eindelijk even verlost van die vervelende stuwing. Voor degene die dit nog niet eerder hebben ervaren; dit voelt zeg maar, alsof je er twee hete bowlingballen in je borsten zitten. En dat is GEEN prettig gevoel. Het afkolven van moedermelk brengt hierbij absoluut een tijdelijke verlossing. Je moet uiteraard oppassen met te vaak en veel afkolven. Aangezien de productie van moedermelk een principe is van vraag en aanbod, moedig je op deze wijze overproductie aan.

 

Extra kolven naast de borstvoedingen.

De kans is groot dat je extra zult moeten kolven naast de borstvoedingen die je baby direct van je krijgt om je voorraad moedermelk op te bouwen en te vergroten. Dit kun je op verschillende manieren doen. Voor de meeste vrouwen werkt het het beste om 's ochtends wanneer je de meeste borstvoeding hebt, aan één kant te laten drinken door je baby en daarna (of tegelijk) aan de andere kant te kolven. Eventueel kun je je baby vervolgens alsnog aan de andere kant aanleggen. Je baby krijgt altijd meer uit je borst dan een kolf!

Een andere manier is om tussen de voedingen in een kleine hoeveelheid af te kolven. Let er echter op dat je niet steeds alleen de voormelk kolft. Deze voormelk (de eerste melk) is minder vet dan de achtermelk (die daarna komt). De voormelk is met name bedoeld om de eerste dorst van de baby te lessen. De achtermelk is vervolgens veel vetter en dus voedzamer. Mocht dit toch af en toe gebeuren dan is dat ook helemaal niet zo erg. Je baby haalt dit de volgende keer gewoon weer bij jou in.

links rijpe moedermelk en rechts zie je colostrum
links rijpe moedermelk en rechts zie je colostrum

 

Tip voor het invriezen van moedermelk

Je kunt voor het invriezen van moedermelk gebruik maken van speciale bewaarzakjes van Avent, Medela of Lansinoh. Je kunt dan porties maken die qua omvang overeenkomen met een volledige voeding, bijvoorbeeld tussen de 120 en 160 ml. Het is erg handig om een deel

van je melk in te vriezen in ijsblokzakjes. Het beste kun je dan de ijsblokzakjes van de HEMA kopen. Deze zakjes zijn blauw, mocht er een snipper plastic aan het ijsblokje blijven kleven dan zie je dit direct zodat je het niet per ongeluk aan je baby geeft. Verder is het verstandig om de ijsblokzakjes daarna nog in een apart bakje of diepvrieszakje te doen. Zo kunnen er zeker geen bacteriën bijkomen van bijvoorbeeld onbevroren vlees dat je gaat invriezen. Houdt er rekening mee dat de ijsblokzakjes niet steriel zijn zoals de speciale moedermelkbewaarzakjes. Ze zijn dus niet geschikt voor melk die je je baby de eerste tijd geeft. Wanneer ze wat ouder zijn, maakt dit echter niet meer uit.

Mocht je een keer te weinig kolven, dan kun je dankzij je voorraadje moedermelk-ijsblokjes eenvoudig tot de gewenste hoeveelheid komen. Eén ijsblokje is ongeveer 15 ml.

Ontdooien kun je het beste doen door de avond van te voren de benodigde hoeveelheid melk in de koelkast te zetten. Heb je de melk sneller nodig, ontdooi dan door het flesje/zakje in een pannetje water op te warmen tot ongeveer 37 graden of gebruik een flessenwarmer. Zorg dat de melk niet te warm wordt en gebruik liever geen magnetron.

Hierdoor kunnen al snel waardevolle stoffen verloren gaan.

 

Koelkast is beter voor moedermelk

 

Moedermelk kun je, mits hygiënisch gekolfd, tot maximaal 5 dagen bewaren in de koelkast.

Je kunt de melk alleen zo lang bewaren wanneer je de melk achterin de koelkast zet, daar is de temperatuur het laagst en zijn er minder temperatuurschommelingen. Dus niet in de deur! Zet er bij voorkeur nog iets grootst voor, dan blijft de temperatuur nog constanter. Het is beter om de moedermelk een weekje in de koelkast te bewaren, dan om deze in te vriezen en een paar dagen later weer te ontdooien. In de koelkast blijven er meer waardevolle stoffen behouden dan bij het invriezen. Als de melk een tijdje staat, dan komen de vetten bovendrijven en ziet de melk daaronder er doorzichtig of soms zelfs blauwachtig uit. Dit is volkomen normaal.

Door zachtjes te schudden mengt de melk weer goed. Schudt niet onnodig veel omdat dan bepaalde beschermende eiwitten afbreken en hun werking verliezen.

 

7. Ontspan!

 

Goed kolven zit tussen de oren! Geen enkele vrouw wordt blij bij het zien van een kolfapparaat. Toch zijn jij en je baby hiervan afhankelijk voor het verkrijgen van de voedingen wanneer jullie niet bij elkaar zijn. En eigenlijk is het ook fantastisch dat je volledige borstvoeding kunt blijven geven terwijl je aan het werk bent. Door er steeds

positief tegenover te staan, wordt het veel makkelijker om tijdens het kolven te ontspannen.

Voor succesvol kolven is het van het allergrootste belang dat de toeschietreflex op gang komt en dit lukt alleen wanneer je ontspannen bent tijdens het kolven. Ook als je druk aan het werk bent en eigenlijk maar weinig tijd hebt, is dit essentieel.

Probeer daarom te genieten van dit moment voor jezelf. Ga ontspannen zitten op een stoel en doe eventueel deze korte ontspanningsoefening.

 

Korte ontspanningsoefening (1 minuut)

Doe je ogen dicht.

Voel hoe je in je stoel zit.

Adem 3x keer rustig in en weer uit.

Laat bij iedere uitademing de spanning uit je wegvloeien.

In het begin zal het je misschien niet direct lukken om goed te ontspannen. Wanneer je deze oefening consequent iedere keer doet voordat je begin met kolven (zeker als je druk en gespannen bent zoals op je werk) zal het steeds makkelijker zijn om te ontspannen. Eén diepe in- en uitademing kan dan al genoeg zijn.

 

 

8. Visualiseer!

 

Ook het visualiseren van je baby helpt bij het krijgen van het toeschietreflex waardoor de melk begint te stromen. Je kunt dit doen door tijdens het kolven naar een foto van je baby te kijken of te ruiken aan kleertjes van je baby.

Is dit niet voldoende, sluit dan je ogen en probeer om je voor te stellen dat je baby bij je aan de borst drinkt. Voel hoe de melk begint te stromen (ook al begint dat nog niet), dit kan helpen om het toeschietreflex op gang te brengen. Het toeschietreflex komt namelijk op gang onder invloed van het hormoon oxytocine dat in de hersenen wordt aangemaakt. Als jij je hersenen het signaal geeft dat het tijd is om dit hormoon aan te maken door een krachtige visualisatie is de kans groot dat je hersenen dit ook daadwerkelijk doen. Dit kan in het begin erg moeilijk lijken. Maar ook hier geldt: “Oefening baart kunst”.

 

Korte visualisatie (1 minuut)

 

Doe je ogen dichtJe bent ontspannen (eventueel door het doen van de korte ontspanningsoefening)

 

 

Denk aan je baby

Je baby heeft honger

Je hoort en ziet je baby huilen omdat hij of zij honger heeft

Je legt je baby aan je borst

Je voelt hoe je baby begint te drinken

Je voelt hoe de melk begint te stromen

 

 

9. Neem voldoende rust!

 

Drink niet alleen voldoende, maar wees je ook bewust van het positieve effect van rust op de hoeveelheid borstvoeding. Wanneer de hoeveelheid borstvoeding terugloopt, bijvoorbeeld nadat je een aantal dagen hebt gekolfd op het werk, kun je de productie vaak een goede stimulans geven door een dag heel rustig aan te doen. Blijf desnoods (vrijwel) de hele dag in bed. Geheid dat je baby aan het eind van de dag wel voldoende te drinken heeft!

In onze haastige maatschappij is dit een zeer eenvoudige tip die veel resultaat kan opleveren, maar moeders hebben er vaak moeite mee deze toe te passen. Er is immers altijd zoveel te doen en je hebt zoveel (sociale) verplichtingen. Nu is echter de voeding van je baby het allerbelangrijkste. Zorg dat je hierin de steun van je partner hebt!

Blijft de opbrengst per kolfbeurt onvoldoende, kolf dan een keer extra tussendoor. Net als bij live-borstvoeding is ook het kolven van borstvoeding een kwestie van vraag en aanbod.

Wanneer je extra gaat kolven, zal de productie toenemen. Het kan een paar dagen duren voordat de productie zich heeft aangepast.

 

10. Heb vertrouwen!

 

Uit onderzoek blijkt dat vrouwen eigenlijk altijd voldoende melk hebben voor hun baby.

Toch blijkt de vrees niet genoeg borstvoeding te hebben een van de belangrijkste redenen op te stoppen met borstvoeding. Borstvoeding afkolven is nog lastiger. Je borstkolf krijgt er lang niet zoveel melk uit als je baby, bovendien zie je nu precies hoeveel melk je kolft en dat zal wellicht niet altijd genoeg zijn.

Toch is het belangrijk vertrouwen te hebben dat jij je baby voldoende voeding kunt geven.

Wanneer je het gevoel hebt dat dit niet zo is, kun je proberen om met behulp van de bovenstaande tips de productie van borstvoeding te vergroten en het kolven te vergemakkelijken. Je zult misschien af en toe het gevoel het gevoel hebben dat je omgeving niet achter je staat, omdat je wel erg veel moeite doet om borstvoeding af te kolven. Grote kans dat je moeder uit een generatie komt waarin juist veel flesvoeding werd gegeven. En tja “jij bent toch ook groot geworden”. Sta gewoon achter je besluit. Eventueel kun je nog de redenen die vermeld staan in tip 1 noemen. Zeker dat niemand dan nog zegt dat je beter kunt stoppen. Mocht het allemaal toch niet gaan zoals je wilt, overweeg dan voordat je stopt of mindert een afspraak met een lactatiekundige (bijvoorbeeld van de vereniging Borstvoeding Natuurlijk of van de Stichting La Leche League Nederland). Zij kan samen met jou precies kijken waardoor het niet soepel verloopt. Stoppen of minderen kan daarna altijd nog. Maar terug naar volledige borstvoeding wanneer je eenmaal bent gestopt is veel lastiger, al is ook dat niet onmogelijk. En wanneer je toch wilt stoppen met borstvoeding of borstvoeding kolven, neem dan in overweging om alleen wat te minderen. Je kunt vrij gemakkelijk alleen 's ochtends en 's avonds een borstvoeding geven. Let wel op dat wanneer je te snel mindert je productie te snel kan dalen en je ook voor deze voedingen niet meer genoeg melk hebt.

 

 

 

Laatste update: 12 februari

 

Wetgeving borstvoeding en werk

Regelgeving rond borstvoeding en werk is vooral te vinden in de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) en de Arbeidstijdenwet. Zowel de Arbowet als de Arbeidstijdenwet zijn er op gericht risico’s te reduceren en arbeidsbescherming te bieden.


Arbeidsomstandighedenwet
De Arbeidsomstandighedenwet, ook wel Arbowet, is het wettelijke kader voor de afspraken over arbeidsomstandigheden in Nederland. De rechten en plichten (materiële bepalingen) voor werkgevers en werknemers die voortvloeien uit de Arbowet worden geregeld in het Arbeidsomstandighedenbesluit of Arbobesluit. Sommige onderdelen uit de Arbowet en het Arbobesluit worden verder uitgewerkt in de Arbeidsomstandighedenregeling.

De Arbowet is met ingang van 1 januari 2007 gewijzigd. Werkgevers en werknemers hebben meer mogelijkheden gekregen om zelf invulling te geven aan de wijze waarop zij in hun eigen sector/onderneming aan de wetgeving voldoen. Werkgevers en werknemers maken samen afspraken over de wijze waarop zij binnen de onderneming / branche invulling kunnen geven aan de voorschriften van de overheid. Deze afspraken over bijvoorbeeld maatregelen die bijdragen aan een veilig en gezond werkklimaat, kunnen worden vastgelegd in een zogenoemde Arbocatalogus.

 


Arbeidstijdenwet
De Arbeidstijdenwet regelt zaken die te maken hebben met arbeids- en rusttijden van werknemers. Deze wetgeving moet het makkelijker maken voor werknemers om werk te combineren met zorgtaken of andere verantwoordelijkheden.


Bepalingen voor vrouwen die borstvoeding geven
Zowel de Arbowetgeving als de Arbeidstijdenwet hebben betrekking op werknemers in het algemeen, maar daarnaast zijn er bepalingen opgenomen voor bijzondere categorieën werknemers zoals jeugdigen, maar ook zwangere en pas bevallen vrouwen. Dit zijn categorieën werknemers waarvoor extra beschermende maatregelen nodig zijn om voor hen specifieke arbeidsrisico’s te vermijden. Borstvoeding en werk is een onderwerp dat in deze bepalingen terug te vinden is.


Wet- en regelgeving die betrekking heeft op werk en borstvoeding
Indien een werkgever zwangere vrouwen in dienst heeft of werknemers die borstvoeding geven, moet in de risico-inventarisatie en -evaluatie (onderdeel van het arbeidsomstandighedenbeleid) aandacht worden besteed aan de gevaren* van het werken met bepaalde gevaarlijke stoffen, procédés en arbeidsomstandigheden, zowel voor de moeder zelf als voor de kwaliteit en kwantiteit van de borstvoeding (Arbobesluit, artikel 1.41)


De werkgever zorgt ervoor dat werknemers doeltreffend worden ingelicht over de te verrichten werkzaamheden en de daaraan verbonden risico’s als ook over de maatregelen die er op zijn gericht deze risico’s te beperken of te voorkomen (Arbowet, artikel 8)


De uitwerking hiervan kan, ook als het gaat om kwetsbare werknemers, zoals zwangere en pas bevallen vrouwen, een onderwerp zijn voor de Arbocatalogus (zie bijvoorbeeld www.projectzwangerschapenarbeid.nl).


De werkgever van zwangere werknemers en ‘werknemers tijdens lactatie’** moet het werk, de werkplek, de werkmiddelen en de productie- en werkmethode zodanig inrichten of aanpassen dat het werken voor die werknemer geen gevaren met zich mee kan brengen voor haar veiligheid en gezondheid en geen terugslag kan veroorzaken op de zwangerschap of lactatie (Arbobesluit artikel 1.42).


Als bovenstaande aanpassingen niet mogelijk zijn, wordt door een tijdelijke aanpassing van het werk of van de werk- en rusttijden, door tijdelijk ander werk of, als voorgaande niet mogelijk blijkt, door uiteindelijke vrijstelling van het verrichten van (bepaald) werk, voorkomen dat gevaar voor de veiligheid en gezondheid van de zwangere werknemer en de werknemer tijdens de lactatie wordt veroorzaakt of een terugslag op de zwangerschap of lactatie (Arbobesluit artikel 1.42).


De werkgever is verplicht het werk zo in te richten dat rekening wordt gehouden met specifieke omstandigheden van vrouwen die borstvoeding geven. De werkgever voldoet aan deze verplichting binnen een redelijke termijn nadat een verzoek hiertoe is gedaan (Arbeidstijdenwet 4:7).


De werknemer heeft het recht om het werk af te wisselen met extra pauzes, die samen tenminste 15 minuten en ten hoogste 1/8 deel van de voor haar geldende werktijd in beslag nemen. Deze pauzes gelden als werktijd (Arbeidstijdenwet 4:7) .


De werknemer heeft het recht werk te verrichten in een bestendig en regelmatig werk- en rusttijdenpatroon en kan niet verplicht worden tot overwerk of nachtdienst. Dit laatste tenzij de werkgever aannemelijk maakt dat dit redelijkerwijs niet van hem kan worden gevergd. De werknemer kan tot 6 maanden na de bevalling aanspraak maken op deze rechten (Arbeidstijdenwet artikel 4:7).


De werkgever is verplicht een werknemer, gedurende de eerste 9 maanden na de bevalling, de gelegenheid te geven om het werk te kunnen onderbreken voor het geven van borstvoeding of om moedermelk af te kolven. De werkgever stelt, waar nodig, een geschikte af te sluiten ruimte ter beschikking (Arbeidstijdenwet artikel 4:8, lid 1).


De onderbrekingen mogen zo vaak en zo lang als nodig is plaatsvinden, maar in totaal tot een kwart van de werktijd. Het tijdstip en de duur van de onderbrekingen worden vastgesteld na overleg met de werkgever (Arbeidstijdenwet artikel 4:8, lid 2).


De duur van de onderbrekingen gelden als arbeidstijd waarover de werknemer haar aanspraak op loon behoudt (Arbeidstijdenwet artikel 4:8, lid 3).


*Definitie gevaren

Onder ‘gevaren’ bij zwangerschap verstaat de Arbowet:

  • psychische belasting
  • blootstelling aan chemische stoffen (stoffen die schade kunnen toebrengen aan de gezondheid van de moeder of de zuigeling)
  • micro-organismen zoals bacteriën, gisten, schimmels en virussen
  • lichamelijke belasting (tillen, bukken, hurken, knielen, trillingen, schokken)
  • omgevingsfactoren (klimaat, geluid, ioniserende straling, decompressie)

Bij borstvoeding gaat het met name om het risico van chemische stoffen en psychische belasting, andere gevaren hebben vooral betrekking op werknemers tijdens de zwangerschap.


**Definitie werknemer tijdens lactatie

De wet verstaat onder een ‘werknemer tijdens lactatie’: de werknemer die haar kind borstvoeding geeft en haar werkgever hierover heeft ingelicht (Arbobesluit artikel 1.1). Dit betekent dat de werknemer die borstvoeding en werk wil combineren, pas recht heeft op de genoemde maatregelen als zij heeft gemeld dat ze borstvoeding geeft.

 

Laatste update: 16 februari 2009

 

Positieve effecten voor werkgevers


De duur van het bevallingsverlof (10-12 weken na bevalling) in Nederland heeft tot gevolg dat veel vrouwen het werk tijdelijk combineren met het geven van borstvoeding. Via de wet- en regelgeving is daar het nodige voor geregeld. Voor de meeste werkgevers is naleving van deze wet- en regelgeving de reden om aandacht te besteden aan het combineren van borstvoeding en werk. Als vrouwen borstvoeding geven levert dat echter voor de werkgever ook andere effecten op. De gezondheidswinst die het geven van borstvoeding levert voor moeder en kind, is ook in het belang van de werkgever:

 

  • Borstgevoede kinderen zijn het eerste levensjaar minder vaak ziek dan kinderen die kunstvoeding krijgen. Dit betekent minder verzuim van de werknemer en daardoor een hogere arbeidsproductiviteit.
  • Ook voor vrouwen zelf heeft het geven van borstvoeding positieve gezondheidseffecten. Er is overtuigend bewijs dat het geven van borstvoeding de kans op reumatoïde artritis verlaagt en mogelijk bewijs voor een lagere incidentie van premenopausale borstkanker en ovariumkanker bij moeders die hun kind voor een langere periode borstvoeding hebben gegeven. 
  • Door het geven van borstvoeding komen vrouwen vaak wat gemakkelijker terug op hun oude gewicht van voor de zwangerschap. Het geven van borstvoeding heeft op deze manier ook betekenis voor de preventie van overgewicht bij vrouwen.
     
  • Bij goede mogelijkheden voor het combineren van borstvoeding en werk, is het aantal werknemers dat direct na het zwangerschapsverlof weer begint hoger.
  • Het vergroot de motivatie, loyaliteit, tevredenheid en productiviteit van de werknemers en zorgt voor een gezonder werkpotentieel van de organisatie.
  • Behoud van personeel omdat er geen reden is voor werknemers om na de bevalling een andere werkgever te zoeken.
  • Het hebben van een actief borstvoedingsbeleid is een vorm van maatschappelijk verantwoord ondernemen en draagt bij aan een positief imago van de organisatie. Dit kan een voordeel zijn bij de werving van nieuw personeel.

nou ja ......lekker?!
nou ja ......lekker?!

 

Voedingsvoorbeeld bij borstvoeding

De SBO (Samenwerkende Borstvoeding Organisaties) en de WHO (World Health Organization) adviseren om de eerste 6 maanden volledig op verzoek te voeden en pas te beginnen met bijvoeding vanaf de 6e maand. Ook na de 6e maand kun je volledige borstvoeding op verzoek blijven geven. Bijvoeding is dan letterlijk extra. Je laat dan je kindje het tempo aangeven van afbouwen. Voor meer informatie over borstvoeding en borstvoedingsbeleid kun je kijken op de site van de SBO, www.borstvoeding.nl.

Het onderstaande schema is afkomstig van het consultatiebureau. Wie dit schema volgt is feitelijk de borstvoeding aan het afbouwen en voedt niet op verzoek.

 

0-2 weken
6 à 8 keer borstvoeding
vitamine K (volgens voorschrift)

 

2-6 weken
6 à 8 keer borstvoeding
vitamine K (volgens voorschrift)
vitamine (A)D (volgens voorschrift)

 

6 weken of +/- 4 kg
5 à 6 keer borstvoeding
vitamine K (volgens voorschrift)
vitamine (A)D (volgens voorschrift)

 

3 maanden
5 keer borstvoeding
vitamine (A)D (volgens voorschrift)

 

4 maanden
5 keer borstvoeding
vitamine (A)D (volgens voorschrift)
Indien gewenst:
vruchtenmoes 1-2 eetlepels gezeefd, verdund met een paar theelepels water

 

5 maanden
4 à 5 keer borstvoeding
vitamine (A)D (volgens voorschrift)
Indien gewenst: – fruit 1-2 eetlepels – groente 2-3 eetlepels

 

6 maanden
4 voedingen: – 2x borstvoeding – 1x warm eten + borstvoeding – 1x borstvoeding
vitamine (A)D (volgens voorschrift)
Toelichting: – fruit 1-2 eetlepels – groente 2-3 eetlepels – aardappelkruim 1 eetlepel / witte rijst 1 eetlepel / gezeefde peulvruchten 1 eetlepel – vlees, vis, kip 1 eetlepel (1 à 2x per week) OF 1/2 ei (maximaal 2x per week)

 

7 maanden
4 voedingen: – 2x borstvoeding – 1x warm eten + 100 ml volle yoghurt – 1x borstvoeding
vitamine (A)D (volgens voorschrift)
Toelichting: – fruit 1-2 eetlepels – groente 2-3 eetlepels – aardappelkruim 1 eetlepel / witte rijst 1 eetlepel / gezeefde peulvruchten 1 eetlepel – vlees, vis, kip 1 eetlepel (2 à 3x per week) OF 1/2 ei (maximaal 2x per week) – in principe zijn alle granen toegestaan, liever geen volkorenproducten – drinken tussendoor: water, thee, opvolgmelk

 

9 maanden
3 voedingen: – 1x borstvoeding – 1x broodmaaltijd + borstvoeding – 1x warme maaltijd + 100 ml volle yoghurt
vitamine (A)D (volgens voorschrift)
Toelichting: – fruithap tussendoor – groente 3-4 eetlepels – 1 aardappel / witte rijst 1-2 eetlepels / gezeefde peulvruchten 1 eetlepel – vlees, vis, kip 1 eetlepel (2 à 5x per week) OF 1/2 ei (maximaal 2x per week) – 1 theelepel olie of margarine – brood: lichtbruin of wit – drinken tussendoor: water, thee, opvolgmelk

 

12 maanden – 2x pap of bruin brood of volkorenbrood met (half)volle melk en/of borstvoeding – 1x warm eten en toetje – drinken: 1/2 liter melk(producten) inclusief de melkproducten in de maaltijden. Daarnaast water, thee, verdund vruchtensap (ook +/- een 1/2 liter).
Matig met boter/margarine, suiker en zout. Geen noten, pinda’s en koolzuurhoudende dranken. Voorzichtig met kruiden, uien, prei, kool en roggebrood.